Van Franse komaf
De oorsprong van het Kadaster begint twee eeuwen geleden in Frankrijk.
Het absolute regeren van de koning en de macht van de adel en de geestelijkheid
zijn voorbij. De politieke macht is op dat moment in handen van de
derde stand: de burgers. Onder de leus: liberté, egalité, fraternité wordt
een nieuwe samenleving opgezet gebaseerd op vrijheid, gelijkheid voor
de wet en eigendom. De Franse republiek bestaat vanaf 1792 tot de kroning
van Napoleon tot keizer in 1804.
Het idealisme van de Franse Revolutie bereikt ook Nederland. In de tweede
helft van de 18e eeuw ontstaat de democratische beweging patriotten, die
zich afzet tegen de alleenheerschappij van Willem V. Na het mislukken
van het overnemen van zijn macht in 1787, wijken de patriotten uit naar
Frankrijk en vormen daar een leger dat zich in 1795 aansluit bij de Franse
troepen. Samen veroveren zij Nederland en zo ontstaat de Bataafse Republiek.
Om de Franse soldaten te helpen bij het vinden van hun inkwartieradres,
krijgen huizen dan voor het eerst een nummer.
Invoering van de grondbelasting
De Bataafse Republiek blijft zelfstandig tot keizer Napoleon in 1806
zijn broer Lodewijk tot koning van Holland maakt. Deze deed echter
in 1810 alweer afstand van de troon, waardoor het enkele dagen later
ingelijfd
wordt bij het Franse keizerrijk. Dit heeft tot gevolg dat de meeste
Franse wetten hier worden overgenomen, waaronder de invoering van
de grondbelasting. Om een redelijke grondslag te krijgen voor deze
heffing,
wordt begonnen met het opmeten, schatten en tenaamstellen van grondeigendom.
De vervaardiging van een Kadaster dus.
Als Nederland na de val van Napoleon in 1813 onder regiem van Willem
I een zelfstandige staat is, ligt het opmetingswerk enkele jaren stil.
Willem I heeft echter geld nodig en bij wet van 11 februari 1816 besluit
de koning de kadastrale werkzaamheden weer voort te zetten. Tot 1826 is
het resultaat niet onverdienstelijk. Als daarna op grote spoed wordt aangedrongen,
vermindert de kwaliteit van de kaarten zienderogen. Vooral na 1829, als
besloten is dat het Kadaster op 1 januari 1832 operationeel moet zijn.
Rechtszekerheid over onroerende goederen
In 1832 wordt het Kadaster in
Nederland - behalve in Limburg - ingevoerd. Zes jaar later treedt
het Burgerlijk Wetboek in werking. Dit wetboek
bevat onder meer een regeling van de zakelijke rechten, waaronder
het zakelijk recht van hypotheek. Het zakelijk rechtstelsel wordt
nu aan de kadastrale indeling gekoppeld en het vermelden van kadastrale
kenmerken
in akten is dan verplicht. Van de ene op de andere dag bestaat
rechtszekerheid
over onroerende goederen in de akten en is een administratie op
het onroerend goed met daarop rustende rechten verzekerd. Een half jaar
na de invoering van het BW, worden in 1839 het Kadaster en de hypotheekbewaring
samengevoegd.
De Rijksdriehoeksmeting

Het oorspronkelijke eerste-orde net van de RD
|
Al vrij snel na de invoering van het Kadaster blijkt dat de kwaliteit van
het kaartmateriaal niet goed is en de kaarten van diverse gemeenten
niet op elkaar aansluiten. In 1885 begint de Rijkscommissie voor graadmeting
en
waterpassing, de huidige NCG (Nederlandse Commissie voor Geodesie),
daarom met de opbouw van een nationaal driehoeksnet: het net van de Rijksdriehoeksmeting,
dat in 1928 klaar is. Daarmee worden x- en y-coördinaten berekend van
markante punten, meestal spitsen van kerktorens. Het 0-punt van het
assenstelsel waaraan de coördinaten zijn gerelateerd, was toen de Onze
Lieve Vrouwetoren in Amersfoort. Doordat na 1960 bij alle x-coördinaten
155 kilometer is opgeteld en bij alle y-coördinaten 463 kilometer, ligt
het 0-punt van het assenstelsel nu in Frankrijk, ten Z.O. van Parijs.
Sinds
1930 is het bureau Rijksdriehoeksmeting (RD) van het Kadaster
verantwoordelijk voor het instandhouden van circa 5600 coördinaatpunten
in Nederland.
De metingen voor de Rijksdriehoeksmeting worden tegenwoordig gedaan met
het Global Positioning System (GPS). GPS metingen werken met behulp van
satellieten. Met speciale GPS-ontvangers worden satellietsignalen ontvangen
en opgeslagen, waarmee nauwkeurige coördinaten worden berekend. Dit
gaat vele malen sneller dan de traditionele metingen met theodolieten.
Om het voor andere GPS-gebruikers mogelijk te maken op eenvoudige wijze
aan te sluiten op het coördinatenstelsel van de RD, is het GPS-kernnet
gerealiseerd. Dit zijn RD-punten in het terrein, dus geen kerktorens,
waar de hemel vrij is van obstakels zodat de GPS signalen ongestoord kunnen
worden ontvangen.
Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Tot 1970 is de dienst van het Kadaster wat betreft taakstelling,
doelstelling en uitvoering nog hetzelfde Kadaster als in 1839, zuiver
fiscaal. In
de loop der jaren is daaraan een publiekrechtelijk deel gekoppeld,
omdat er in allerlei wetten die met de bodemdienst te maken hebben
van uitgegaan
wordt, dat de kadastrale gegevens de basis vormen. In de onteigeningswet
staat bijvoorbeeld dat de Staat onteigent op basis van kadastrale
percelen.
Na ruim 140 jaar onderdeel te zijn geweest van het Ministerie van Financiën,
gaat het Kadaster in 1973 naar het Ministerie van Volkshuisvesting en
Ruimtelijke Ordening (aan dit ministerie is sinds 1982 ook Milieubeheer
toegevoegd). Er volgt een grote reorganisatie waarbij een eind komt aan
de aparte kantoren voor hypotheek, ruilverkaveling en kadaster. De 57
kantoren worden tot 15 teruggebracht. Langzaam komt er beweging in het
Kadaster. In 1975 wordt gestart met de vervaardiging van de Grootschalige
Basiskaart van Nederland (GBKN). Een kaart met daarop alleen de basisinformatie.
Eind jaren '80 wordt de kadastrale registratie geautomatiseerd en in 1992
is een ondernemingsplan opgesteld op basis waarvan de organisatie opnieuw
wordt aangepast.
Zelfstandig BestuursOrgaan (ZBO)
Sinds 1 mei 1994 is het Kadaster een
Zelfstandig BestuursOrgaan (ZBO) en komt daarmee op afstand van het
ministerie van Volkshuisvesting,
Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te staan. Dit betekent dat het
Kadaster nu een publiekrechtelijke rechtspersoon is, die als organisatie
zijn taken zelfstandig uitvoert.
Het Kadaster krijgt een nieuw jasje en in korte tijd de allure van
een modern bedrijf, gericht op de klant. Het ambachtelijke karakter
is geschiedenis en de vastgoedgegevens worden digitaal opgeslagen, verwerkt
en verstrekt. Ook de apparatuur van de landmeter wordt vervangen voor
een sensor (GPS) waarmee coördinaatpunten via een satellietverbinding
naar een computer worden gestuurd. Technisch gezien gaan we een bijna
niet te voorspellen toekomst tegemoet. Het is daarom van essentieel belang
om daar tijdig op in te spelen.
Cadastre, Catastrum of Katastichon
De naam Kadaster komt van het Franse 'Cadastre' en van het Latijnse
'Catastrum', dat grondbeschrijving betekent. Een andere verklaring
is dat het komt van het Byzantijns-griekse 'Katastichon', dat lijst
betekent en is afgeleid van 'Kata' (van boven naar beneden) en 'Stichos'
(rij,
gelid).
|
|
|